Losse thee

Assam, Ceylon, China, Darjeeling, Groene Aroma (smaakjes) thee, Japan, Kruiden, Oorlong, Pure Fruit, Rooibos, Speciale Melanges, Taiwan, Verre Origines of Zwarte Aroma (smaakjes) thee. Allemaal rubrieken waaronder de losse thee is gerangschikt om het voor u overzichtelijker te maken. Op de sub-pagina's kunt u een keuze maken uit ons losse thee assortiment.

China is de bakermat van de theecultuur. Duizenden jaren geleden werd daar al thee gedronken. Volgens een Chinese legende ontdekte Keizer Shen Nung, die omstreeks 3000 jaar voor Christus leefde, thee tijdens een verblijf in een bos. Dit gebeurde toen bladeren van een theestruik neerdwarrelden in een pan met heet water en een aangename geur verspreidden.

Nederlandse koopvaarders maakten in de 17e eeuw kennis met thee tijdens hun ontdekkingsreizen naar het Verre Oosten. Handelaren zagen de grote gebruiksmogelijkheden van thee. Daarom werden steeds meer schepen ingezet om thee uit die streken te halen. Het was een product dat grote winst opleverde.

Van oorsprong zijn Nederlanders de belangrijkste zeevaarders geweest die thee uit het Verre Oosten haalden. Omstreeks 1840 werden zeilschepen gebouwd die speciaal waren bedoeld om snel thee uit het Verre Oosten te kunnen halen; de zogenaamde V.O.C. Op Java en Sumatra legden de Nederlanders later theeplantages aan. De Engelsen deden dat in India en Sri Lanka (dat toen Ceylon heette). Nu nog spelen Nederlanders een hoofdrol in de theehandel. Jaarlijks wordt in Nederland rond de 25 miljoen kilogram thee geïmporteerd. Deze wordt hier gemengd en verpakt en geëxporteerd. naar bijvoorbeeld Duitsland, Rusland, Engeland en Amerika.

Tot in de 18e eeuw was thee vooral een drank voor rijken omdat het een vermogen kostte. Het was dus geen drank die het gewone volk zich kon permitteren. Nadat er in de 18 e eeuw grotere hoeveelheden naar Nederland gehaald werden, werd thee betaalbaar voor alle Nederlanders.

De methodes en variëteiten verschillen per gebied, maar het proces omvat altijd vier basis onderdelen: verflensen, rollen, fermenteren en vuren (drogen). Bij de traditionele “orthodoxe” methode (die in China, Taiwan, delen van India, Sri Lanka, Indonesië en elders nog steeds worden toegepast) en die grotere bladstukjes oplevert, laat men de geplukt bladeren ver-flensen tot ze slap genoeg zijn om ze te rollen zonder het bladoppervlak te breken. De bladeren geven nu een fruitige, bijna appelachtige geur af. Vervolgens wordt het verflenste blad gerold om de chemische stoffen in het blad vrij te laten komen die essentieel zijn voor de uiteindelijke kleur en smaak. Het gerolde propjes thee wordt dan gebroken, waarna de blaadjes 3½ tot 4½ uur in een koele ruimte worden uitgespreid om zuurstof op te nemen, die een chemische verandering in de stukjes veroorzaakt en ze doet verkleuren van groen naar koperrood. Tot slot wordt het geoxideerde (of gefermenteerde) blad gevuurd om de natuurlijke rotting tegen te gaan. De blaadjes worden nu zwart en krijgen hun herkenbare thee geur.